ECLI:NL:CRVB:2008:BE9848
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering wegens gefingeerd dienstverband
Appellante ontving een WAO-uitkering gebaseerd op twee dienstverbanden, waaronder een bij een Brasserie. Het UWV stelde na onderzoek vast dat het dienstverband met de Brasserie gefingeerd was, mede vanwege verklaringen van een werknemer die appellante nooit bij de Brasserie had zien werken en het feit dat de Brasserie al voor het aangaan van de arbeidsovereenkomst personeel had ontslagen.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de herziening van de uitkering ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad hechtte grote waarde aan de onder ede afgelegde verklaringen van de werknemer en vond de verklaring van appellante onvoldoende om het gefingeerde dienstverband te weerleggen.
De Raad liet in het midden of de sluiting van de Brasserie bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst bekend was, maar vond de overige omstandigheden voldoende om het dienstverband als gefingeerd te beschouwen. De herziening van de WAO-uitkering en de terugvordering van te veel betaalde bedragen zijn daarmee terecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het dienstverband gefingeerd was en de herziening van de WAO-uitkering terecht is.