ECLI:NL:CRVB:2008:BE9852
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Beoordeling commissiegelden als premieloon en reiskostenvergoeding in sociale verzekeringszaak
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal of de als commissiegelden geboekte bedragen bij appellante als premieloon moeten worden aangemerkt en of de aan de bedrijfsleider uitbetaalde reiskostenvergoeding terecht is toegekend.
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) heeft na looncontroles in 2000 en 2005 correctienota's en boetes opgelegd omdat appellante onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de commissiegelden niet als premieloon kwalificeren. De Raad volgt de benadering van de Hoge Raad dat het Uwv zich in redelijkheid op het standpunt mag stellen dat sprake is van premieloon, tenzij appellante aannemelijk maakt dat dit niet zo is. Appellante heeft dit niet voldoende gedaan, onder meer omdat zij niet heeft vastgelegd op welk project de commissiegelden betrekking hadden.
Daarnaast is vastgesteld dat de reiskostenvergoeding aan de bedrijfsleider niet wordt ondersteund door een deugdelijke kilometeradministratie, ondanks eerdere afspraken hierover. Hierdoor is het Uwv gerechtigd de vergoeding niet als reëel gemaakte onkosten te accepteren.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarom het oordeel van de rechtbank Breda en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat commissiegelden als premieloon gelden en de reiskostenvergoeding niet wordt geaccepteerd wegens ondeugdelijke kilometeradministratie.