ECLI:NL:CRVB:2008:BE9996
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WAO-uitkeringsherziening ondanks betwisting psychische beperkingen
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV waarin haar WAO-uitkering werd herzien en vastgesteld op een mate van arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25%. Na verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek werd geconcludeerd dat zij een verlies aan verdienvermogen van 22,39% heeft. De rechtbank heeft het bezwaar ongegrond verklaard en het beroep van appellante verworpen.
In hoger beroep stelde appellante dat het onderzoek onvolledig was, met name dat psychische beperkingen onvoldoende waren meegewogen en dat een toegezegd psychiatrisch onderzoek niet was verricht. Ook betwistte zij de gebruikte Functionele Mogelijkheden Lijst en de toepassing van een latere CBBS-uitdraai met strengere normen.
De Raad overwoog dat de medische beoordeling adequaat was en dat de bezwaarverzekeringsarts de FML en medische gegevens van de behandelend sector zorgvuldig had meegewogen. Er was geen aanleiding om het onderzoek onvolledig te achten, ook niet vanwege het ontbreken van een psychiatrisch onderzoek. De arbeidsdeskundige had de beoordeling uitgevoerd volgens de geldende regels tot 1 oktober 2004 en de latere CBBS-uitdraai was slechts een gevolg van jurisprudentie over transparantie en toetsbaarheid.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verwierp het hoger beroep van appellante. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.