ECLI:NL:CRVB:2008:BF1211
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zorgvuldigheid medisch onderzoek bij intrekking WAO-uitkering
Betrokkene ontving sinds 2000 een WAO-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Appellant trok in 2005 de uitkering in wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%, gebaseerd op verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek. Betrokkene maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank vernietigde het besluit vanwege onvoldoende zorgvuldig medisch onderzoek, met name het ontbreken van nadere medische informatie over psychische gesteldheid.
In hoger beroep stelt appellant dat de medische situatie van betrokkene in de loop der tijd was verbeterd en dat het onderzoek in 2005 voldoende was, mede omdat betrokkene geen nieuwe medische feiten aanvoerde. De Raad oordeelt dat de medische beperkingen op de datum van het besluit zorgvuldig zijn vastgesteld en dat het ontbreken van aanvullende medische informatie niet leidt tot onzorgvuldigheid.
De Raad vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank voor zover deze appellant opdroeg een nieuw besluit te nemen, maar laat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit volledig in stand. Hiermee wordt bevestigd dat het bestreden besluit tot intrekking van de WAO-uitkering terecht is genomen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering.