ECLI:NL:CRVB:2008:BF1431
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. ’t Hooft
- H.C.P. Venema
- B.W.N. de Waard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling afwijzing tegemoetkoming aanschaf eigen auto bij ziekte van Crohn
Appellante, bekend met de ziekte van Crohn, vroeg een tegemoetkoming voor de aanschaf van een eigen auto vanwege haar medische situatie. Het College wees deze aanvraag af omdat zij geacht werd gebruik te maken van het collectief vraagafhankelijk vervoer (CVV), dat als adequate voorziening werd beschouwd.
De rechtbank vernietigde het besluit en gaf het College opdracht een nieuw besluit te nemen, waarbij een afbouwregeling werd getroffen voor de gebruikskosten van de auto. In hoger beroep betoogde appellante dat de mogelijkheid om de auto van haar vader over te nemen een adequate oplossing was en dat de hardheidsclausule toegepast moest worden.
De Raad oordeelde dat de verordening limitatief is en geen grondslag biedt voor een tegemoetkoming in aanschafkosten van een eigen auto. Verder is individueel taxivervoer adequaat, mede omdat toiletgang in de directe nabijheid mogelijk is. De hardheidsclausule is niet van toepassing omdat er geen onbillijkheden van overwegende aard zijn.
Het beroep tegen het nieuwe besluit van het College werd ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming bevestigd. De Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De afwijzing van de tegemoetkoming in de aanschafkosten van een eigen auto wordt bevestigd omdat de verordening geen grondslag biedt en individueel taxivervoer een adequate voorziening is.