ECLI:NL:CRVB:2008:BF8053
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.F. Bandringa
- P.J. Jansen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens onjuiste maatstaf bij weigering ziekengeld
Appellant, die laatstelijk als schoonmaker werkte, meldde zich ziek wegens klachten aan handen en psychische klachten. Het UWV weigerde ziekengeld op grond van een beoordeling die uitging van de functie van productiemedewerker, een eerdere functie van appellant.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat appellant als productiemedewerker had gewerkt. In hoger beroep stelde appellant dat onterecht niet de laatst verrichte arbeid als schoonmaker als maatstaf was genomen. Het UWV erkende dit en gaf toe dat de medische beoordeling uitsluitend op de functie productiemedewerker was gebaseerd.
De Raad oordeelde dat de maatstaf onjuist was en dat het besluit in strijd met de Awb tot stand was gekomen. Daarom vernietigde de Raad het besluit en de aangevallen uitspraak en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit moet nemen. Tevens werden de proceskosten aan appellant toegekend.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van de uitspraak.