ECLI:NL:CRVB:2008:BF9265
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens ontbreken gronden ongegrond verklaard
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Groningen, maar het beroepschrift bevatte niet de gronden waarop het hoger beroep was gebaseerd. Nadat appellant in de gelegenheid was gesteld dit te herstellen, heeft hij niet binnen de gestelde termijn de gronden ingediend. De Raad verklaarde het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk.
Appellant maakte bezwaar tegen deze beslissing door middel van verzet en stelde dat voor het indienen van de gronden dezelfde termijn van zes weken zou moeten gelden als voor bezwaar, beroep en hoger beroep. De Raad oordeelde echter dat dit verweer niet tot een ander oordeel leidt en dat het verzuim appellant kan worden tegengeworpen.
De Raad besloot het verzet ongegrond te verklaren en zag geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door N.J. van Vulpen-Grootjans, in aanwezigheid van griffier R.B.E. van Nimwegen, op 14 oktober 2008.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.