ECLI:NL:CRVB:2008:BG1573
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.C.M. van Laar
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om kwijtschelding resterende toeslagterugbetaling wegens schending inlichtingenplicht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam waarin het besluit van het Uwv werd vernietigd maar de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand bleven. Het geschil betreft de terugvordering van een toeslag die onterecht is ontvangen doordat appellant onjuiste informatie verstrekte over de woonsituatie van zijn minderjarige dochter.
De rechtbank oordeelde dat kwijtschelding van de terugvordering pas mogelijk is indien appellant vijf jaar aan zijn terugbetalingsverplichting heeft voldaan, hetgeen niet het geval was. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel en wijst het beroep af. De Raad verwijst naar eerdere uitspraken waarin is vastgesteld dat appellant zijn inlichtingenplicht heeft geschonden door onjuiste gegevens te verstrekken.
De Raad benadrukt dat de onverschuldigde toeslag het gevolg is van het niet nakomen van de informatieplicht zoals vastgelegd in artikel 12 van Pro de Toeslagenwet en dat de voorwaarden voor kwijtschelding volgens artikel 20 van Pro die wet niet zijn vervuld. Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om kwijtschelding van het resterende terug te betalen toeslagbedrag wordt afgewezen omdat appellant niet aan de inlichtingenplicht heeft voldaan en niet voldeed aan de vijfjaarstermijn.