ECLI:NL:CRVB:2008:BG1657
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering WAZ-uitkering wegens onvoldoende arbeidskundige motivering
Appellant, eigenaar van een afhaal- en bezorgservice, vroeg op 12 juli 2004 een WAZ-uitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid door een verkeersongeval van 1 april 2003. Het UWV weigerde de uitkering op basis van een medisch en arbeidskundig onderzoek dat beperkte beperkingen vaststelde. De rechtbank Rotterdam onderschreef dit besluit.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was en dat de arbeidskundige onderbouwing ontoereikend was, met name over de belastbaarheid bij tillen en zitten afwisselend met lopen en staan. Diverse medische rapportages en een psychologisch rapport werden overgelegd ter onderbouwing.
De Raad oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de psychische klachten onvoldoende aanleiding geven tot aanpassing van de beperkingen. Echter, de arbeidskundige motivering van het UWV is onvoldoende, met onduidelijkheden over frequenties en belastingen bij functies als kelner en lederbewerker. Hierdoor is het besluit niet deugdelijk gemotiveerd en strijdig met de Awb.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep gegrond en beveelt het UWV een nieuw besluit te nemen. Tevens worden de proceskosten van appellant toegewezen en het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.