ECLI:NL:CRVB:2008:BG4570
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- A.T. de Kwaasteniet
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na voldoende onderbouwing passendheid functie artsenbezoeker
Appellante, werkzaam als fysiotherapeut, ontving sinds 1994 een WAO-uitkering die in 2004 werd ingetrokken door het Uwv na een herbeoordeling op basis van medische en arbeidskundige rapportages. De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellante tegen de arbeidskundige schatting ongegrond, maar vernietigde het besluit wegens onvoldoende onderbouwing van de geschiktheid voor de functie artsenbezoeker en het ontbreken van een maatmanloonberekening.
Na de uitspraak van de rechtbank stelde het Uwv een nieuw besluit op, mede gebaseerd op nieuwe rapportages van een bezwaarverzekeringsarts en bezwaararbeidsdeskundige. Appellante voerde in hoger beroep aan dat de functie onjuist was geduid, dat de besluitvorming onzorgvuldig was omdat dezelfde deskundigen opnieuw rapporteerden zonder haar hoorzitting, en dat de besluitvorming te lang duurde.
De Raad oordeelt dat de functie artsenbezoeker passend is onderbouwd, waarbij het autorijden binnen de belastbaarheid van appellante valt. De Raad stelt vast dat hernieuwde rapportage door dezelfde deskundigen toegestaan is en dat appellante niet verplicht was opnieuw te worden gehoord. De Raad acht de termijn van de besluitvorming niet onredelijk lang en wijst het beroep af.
De uitspraak bevestigt het bestreden besluit van het Uwv tot intrekking van de WAO-uitkering. Er wordt geen toepassing gegeven aan een schadevergoeding wegens termijnoverschrijding. De Raad concludeert dat het Uwv zorgvuldig heeft gehandeld binnen de wettelijke kaders.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering en wijst het hoger beroep af.