ECLI:NL:CRVB:2008:BG4662
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens ontbreken ziekte of gebrek bij einde wachttijd
Appellant meldde zich op 14 oktober 1998 arbeidsongeschikt met psychische klachten. Diverse medische onderzoeken in 1999 en 2000, onder meer door verzekeringsarts Njoo en psychiater Van der Veer, concludeerden dat er geen sprake was van ziekte of gebrek bij het einde van de wachttijd op 13 oktober 1999. Het UWV weigerde daarop een WAO-uitkering toe te kennen.
Appellant voerde bezwaar aan en verzocht om een onafhankelijk medisch onderzoek, maar ook het bezwaarverzekeringsartsrapport van 2006 bevestigde de eerdere conclusies. De rechtbank Alkmaar verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant geen nieuwe medische gegevens aanleverde die twijfel konden zaaien over de belastbaarheid op de datum in geding.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten en overhandigde een verklaring van zijn huisarts uit 2007, maar de Raad achtte deze niet relevant voor de situatie in 1999. De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens het ontbreken van ziekte of gebrek op de datum in geding.