ECLI:NL:CRVB:2008:BG4999
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- K. Zeilemaker
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking dienstwoning bij pensionering ambtenaar
Betrokkene was sinds 1971 verplicht een dienstwoning te bewonen als arbeidsvoorwaarde verbonden aan zijn functie bij de gemeente Heerenveen. Ondanks feitelijke wijzigingen, zoals reorganisaties en gezondheidsklachten, bleef de woning formeel als dienstwoning aangewezen zonder intrekking.
In 2007 werd betrokkene medegedeeld dat hij de dienstwoning uiterlijk per 21 augustus 2008 moest verlaten vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd en het daarmee eindigen van het dienstverband. Het bezwaar tegen deze mededeling werd door het College ongegrond verklaard.
De voorzieningenrechter oordeelde aanvankelijk dat de woning geen dienstwoning meer was en dat de mededeling geen bestuursbesluit was, maar slechts een huurovereenkomst betrof. De Centrale Raad van Beroep vernietigde deze uitspraak en oordeelde dat de intrekking van de dienstwoning een publiekrechtelijke rechtshandeling is en een besluit in de zin van de Awb.
De Raad stelde vast dat appellant bevoegd was de aanwijzing in te trekken en dat betrokkene voldoende gelegenheid had gekregen om alternatieve woonruimte te zoeken. De intrekking was niet onredelijk en in overeenstemming met geschreven en ongeschreven recht. De Raad verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het bestreden besluit.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de dienstwoning blijft in stand.