ECLI:NL:CRVB:2008:BG5162
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Veroordeling proceskosten na intrekking hoger beroep door UWV
De Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Zwolle. Betrokkene verzocht na intrekking van het hoger beroep door het UWV om veroordeling van het UWV in de proceskosten en vergoeding van wettelijke rente.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat op grond van artikel 21a van de Beroepswet het bestuursorgaan bij intrekking van het hoger beroep veroordeeld kan worden in de proceskosten van de wederpartij. De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van € 322,- aan proceskosten, begroot volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Ten aanzien van het verzoek om vergoeding van wettelijke rente oordeelde de Raad dat artikel 21a Beroepswet zich beperkt tot proceskosten en niet de mogelijkheid biedt om in hoger beroep na intrekking rente toe te kennen. Betrokkene wordt verwezen naar het UWV voor een dergelijk verzoek.
De uitspraak werd gedaan door voorzitter Ch. van Voorst en griffier A.C.A. Wit op 12 november 2008.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 322,-; vergoeding van wettelijke rente wordt afgewezen.