ECLI:NL:CRVB:2008:BG6791
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting AOW-pensioen wegens ontbreken bewijs vrijwillige verzekering in Kenia
Appellanten, wonende in België, vroegen AOW-pensioen aan en gaven aan dat zij tijdens hun verblijf in Kenia vrijwillig verzekerd waren. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) kende hen een pensioen toe met korting wegens niet-verzekerde jaren, gebaseerd op het ontbreken van bewijs van premiebetaling voor vrijwillige verzekering.
Appellanten stelden dat de premie via hun werkgever, het Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT), aan de belastingdienst was afgedragen en dat zij mochten vertrouwen op overheveling naar de Svb. De Raad onderzocht correspondentie uit 1976 waaruit bleek dat het KIT ten onrechte dacht dat appellant verplicht verzekerd was en dat een vrijwillige verzekering mogelijk was tegen betaling van een premie.
De Raad concludeerde dat de machtiging voor terugvordering van premie ontbrak en dat geen bewijs van feitelijke betaling was geleverd. De Svb beschikte over een verzekerdenadministratie waarin appellant niet voorkwam. Daarom was de korting op het AOW-pensioen terecht toegepast.
De hoger beroepen werden ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken bevestigd. De Raad zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de korting op het AOW-pensioen wegens ontbreken bewijs van vrijwillige verzekering.