ECLI:NL:CRVB:2008:BG8169
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens voldoende belastbaarheid voor agrarisch werk
Appellante maakte bezwaar tegen de intrekking van haar WAO-uitkering per 7 november 2005, waarbij het UWV oordeelde dat zij geschikt was voor haar eigen werk als agrarisch medewerkster. De rechtbank had het besluit van het UWV bevestigd, waarbij zij het medisch oordeel van de psychiater IJsselstein en de arbeidskundige beoordeling van Nutters volgde.
In hoger beroep stelde appellante dat er sprake was van een paniekstoornis, zoals aangegeven in een rapport van psychiater Rohlof, die de eerdere diagnose schizofrenie betwistte. Appellante vreesde dat haar angststoornis haar arbeidsvermogen ernstig zou beperken. De bezwaarverzekeringsarts concludeerde echter dat het rapport van Rohlof geen nieuw licht wierp en dat de functionele mogelijkhedenlijst (FML) een juiste weergave van haar belastbaarheid gaf.
De Raad oordeelde dat er onvoldoende aanwijzingen waren dat de psychische toestand van appellante was onderschat. De angststoornis met een GAF-score van 51-60 duidt op matige symptomen, maar onvoldoende om haar arbeidsvermogen te beperken voor haar eigen werk. Nader medisch onderzoek werd niet noodzakelijk geacht. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellante voldoende belastbaar is voor haar eigen werk.