ECLI:NL:CRVB:2008:BG8371
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening van uitspraak over WAO-aanspraken
Verzoekster heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak waarin haar aanspraken op WAO niet volledig werden erkend. Zij stelde dat er sprake was van een kennelijke misslag, onvoldoende motivering en een onjuiste rechtsopvatting over de bewijslastverdeling.
De Raad overwoog dat herziening slechts mogelijk is op basis van nieuwe feiten of omstandigheden die voor de uitspraak niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden, conform artikel 8:88 Awb Pro en artikel 21 van Pro de Beroepswet. De Raad stelde vast dat verzoekster geen dergelijke nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd.
Een hernieuwde discussie over de inhoud en juistheid van de eerdere uitspraak is niet toegestaan in het kader van herziening. De Raad concludeerde dat de door verzoekster aangevoerde gronden niet als nieuwe feiten of omstandigheden kunnen worden aangemerkt en wees het verzoek daarom af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.