ECLI:NL:CRVB:2008:BG8794
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van beëindiging kinderbijslag en AKW-verzekering na 18e verjaardag jongste vóór 2000 geboren kind
Appellant, woonachtig in Marokko en met een WAO-uitkering van 80-100%, ontving kinderbijslag voor zijn vóór 2000 geboren kinderen Jaouad en Fatima tot zij 18 jaar werden. Na de geboorte van zijn jongste kinderen Ayoub en Layla na 1 januari 2000, kreeg hij kinderbijslag toegekend voor Ayoub vanaf het vierde kwartaal van 2004.
De Sociale Verzekeringsbank (Svb) stelde bij besluit van 23 oktober 2006 dat appellant vanaf het derde kwartaal van 2005 geen recht meer had op kinderbijslag omdat zijn jongste vóór 2000 geboren kinderen 18 waren geworden. Hierdoor verviel ook zijn AKW-verzekering voor de na 1 januari 2000 geboren kinderen. Appellant maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard, en stelde hoger beroep in.
De Raad overwoog dat op grond van artikel 26 KB Pro 746 appellant verzekerd was voor de AKW bij vertrek naar Marokko met een WAO-uitkering. Na het vervallen van artikel 26 bleef Pro hij verzekerd op grond van de overgangsregeling in artikel 27 KB Pro 746 totdat zijn jongste vóór 2000 geboren kinderen 18 waren. Aangezien deze kinderen in het tweede kwartaal van 2005 18 werden, eindigde het recht op kinderbijslag en AKW-verzekering per het derde kwartaal 2005. Het feit dat appellant een WAO-uitkering boven het wettelijk minimumloon ontvangt, verandert hier niets aan.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.