ECLI:NL:CRVB:2008:BG8938
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na nadere motivering en proceskostenveroordeling
Appellante, die sinds 1996 een WAO-uitkering ontvangt vanwege arbeidsongeschiktheid, betwistte een herzieningsbesluit waarbij haar uitkering werd aangepast op basis van een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). Na een eerste vernietiging van het besluit door de rechtbank vanwege onvoldoende motivering, nam het UWV een nieuw besluit met nadere rapportages van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de beperkingen zoals vastgesteld in de FML van februari 2007 adequaat zijn gemotiveerd, met name ten aanzien van het item 'vervoer' en de noodzaak van houdingwisselingen. Er was geen objectieve medische noodzaak gevonden voor aanvullende beperkingen. De Raad concludeerde dat appellante met deze beperkingen de geselecteerde functies kan verrichten.
Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellante in beroep en hoger beroep, omdat het UWV pas in hoger beroep de motivering van het besluit had gegeven. De eerdere uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, behalve de proceskostenveroordeling die werd vernietigd en aangepast.
Uitkomst: Het beroep tegen het herzieningsbesluit van het UWV wordt ongegrond verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.