ECLI:NL:CRVB:2008:BG8988

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
17 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/231 WW
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Verzet
Rechters
  • M.A. Hoogeveen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55, vijfde lid, AwbArt. 21 Beroepswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrondverklaring verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep UWV

Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Haarlem, maar dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet tijdig bij de Raad was ingediend.

Tegen deze niet-ontvankelijkverklaring heeft appellante verzet aangetekend. Tijdens de zitting op 5 november 2008 werd appellante gehoord, maar het UWV was niet vertegenwoordigd. De Raad stelde appellante in de gelegenheid om de gronden van het verzet nader toe te lichten.

Bij de voortzetting van de zitting op 17 december 2008 waren partijen niet aanwezig. De Raad overwoog dat appellante in haar verzetschrift niet had aangegeven waarom de termijn voor het indienen van het hoger beroepschrift was overschreden en dat ook geen nadere aanvulling was gegeven. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het verzet van appellante wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van gronden voor termijnoverschrijding.

Uitspraak

08/231 WW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
[Naam appellante], wonende te [woonplaats] (hierna: appellante),
tegen de uitspraak van de rechtbank Haarlem van 4 oktober 2007, 07-5350 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellante
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
I. PROCESVERLOOP
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet van 11 juni 2008 heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen voornoemde uitspraak heeft appellante verzet gedaan.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 5 november 2008. Appellante is verschenen, bijgestaan door mr. M.M. Haverkort, advocaat te Enkhuizen. Het Uwv heeft zich niet laten vertegenwoordigen.
De Raad heeft het onderzoek ter zitting geschorst teneinde (gemachtigde van) appellante in de gelegenheid te stellen de gronden van het verzet nader aan te vullen.
Het onderzoek ter zitting is voortgezet op 17 december 2008, waar partijen - met voorafgaand bericht - niet zijn verschenen.
II. OVERWEGINGEN
De uitspraak van de Raad van 11 juni 2008 berust hierop, dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat het hoger beroepschrift niet tijdig bij de Raad is ingediend.
De Raad is van oordeel dat appellante in verzet geen gronden naar voren heeft gebracht die tot gegrondverklaring van het verzet kunnen leiden. De Raad overweegt hiertoe dat appellante in haar verzetschrift niet heeft aangegeven om welke reden zij de termijn voor het indienen van een hoger beroepschrift heeft overschreden en ook heeft de gemachtigde van appellante geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid de gronden van het verzet nader aan te vullen.
Gelet op het voorgaande dient het verzet ongegrond te worden verklaard.
Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door M.A. Hoogeveen. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M. Koopman als griffier, uitgesproken in het openbaar op 17 december 2008.
(get.) M.A. Hoogeveen
(get.) M. Koopman
MK