ECLI:NL:CRVB:2008:BG9804
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens overschrijding vermogensgrens door niet gemelde caravan
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Na een onderzoek naar niet gemelde vermogensbestanddelen stelde het College vast dat appellanten een stacaravan bezaten die niet was opgegeven. Dit leidde tot intrekking van de bijstand vanaf november 2005 en terugvordering van te veel ontvangen bijstand over de periode 2001-2005.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten gegrond, maar liet de rechtsgevolgen van de besluiten in stand. In hoger beroep betwisten appellanten dit laatste. De Raad oordeelt dat de caravan inderdaad tot het vermogen van appellanten behoort, mede op basis van verklaringen van de directeur van de caravanfabriek, de camping-eigenares en huurovereenkomsten.
De Raad verwerpt de stelling van appellanten dat de caravan aan een ander toebehoort en dat het College al in 2002 op de hoogte was van de caravan. De overschrijding van de vermogensgrens is voldoende vastgesteld, waardoor het College bevoegd was de bijstand in te trekken en terug te vorderen. Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet gemelde caravan en overschrijding van de vermogensgrens wordt bevestigd.