ECLI:NL:CRVB:2009:BH0150
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen intrekking WAO-uitkering en beoordeling belastbaarheid
Appellante stelde zich in hoger beroep op het standpunt dat zij medisch meer beperkt is dan door het UWV en de rechtbank was aangenomen, en dat zij de aan de schatting ten grondslag gelegde functies niet kan vervullen. De rechtbank had het beroep van appellante ongegrond verklaard en het UWV had haar WAO-uitkering ingetrokken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.
Het UWV nam op 26 augustus 2008 een nader besluit op bezwaar, waarbij het bezwaar van appellante alsnog gegrond werd verklaard en de WAO-uitkering onveranderd werd gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 25-35%. Appellante voerde in hoger beroep geen nieuwe medische grieven aan en onderbouwde haar eerdere stellingen niet met medische verklaringen.
De Raad oordeelde dat de medische grondslag juist was vastgesteld en dat de functies binnen de vastgestelde belastbaarheid van appellante vielen. De stelling van appellante dat zij als pakketbezorgster 60-80 uur per week werkte, werd niet onderbouwd en door het UWV gemotiveerd weerlegd. De Raad vernietigde de eerdere uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep tegen het besluit op bezwaar van 29 december 2005 gegrond en het besluit vernietigd, maar verklaarde het beroep tegen het nadere besluit op bezwaar van 26 augustus 2008 ongegrond.
De Raad veroordeelde het UWV in de proceskosten van appellante en bepaalde dat het UWV het betaalde griffierecht aan appellante vergoedt.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit op bezwaar van 29 december 2005 wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, het beroep tegen het nadere besluit op bezwaar van 26 augustus 2008 wordt ongegrond verklaard.