ECLI:NL:CRVB:2009:BH0161
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek ondanks ontbreken objectiveerbaar medisch substraat
Appellante maakte bezwaar tegen de herziening van haar WAO-uitkering, waarbij haar arbeidsongeschiktheid werd verlaagd van 55-65% naar 35-45%. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, maar vernietigde het besluit wegens onvoldoende onderbouwing van de arbeidskundige grondslag, terwijl het medisch onderzoek als zorgvuldig werd beoordeeld.
In hoger beroep betwistte appellante opnieuw de medische grondslag en stelde dat een urenbeperking noodzakelijk was. De Raad oordeelde dat het Uwv een zorgvuldig medisch onderzoek had verricht, waarbij zowel de verzekeringsarts als de bezwaarverzekeringsarts appellante hadden onderzocht en relevante medische informatie van behandelaars was betrokken.
Hoewel het objectiveerbaar medisch substraat ontbrak, concludeerde de bezwaarverzekeringsarts dat de klachten onder een ziekte of gebrek in de zin van de WAO vielen en dat de functionele beperkingen adequaat waren verwerkt in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). De Raad vond geen aanleiding om aan de juistheid van de medische beoordeling te twijfelen en wees het hoger beroep af.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, zonder proceskostenveroordeling toe te kennen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en wijst het hoger beroep af.