ECLI:NL:CRVB:2009:BH0183

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
16 januari 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07-6260 WAO
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens geen arbeidsbeperkingen

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering per 21 september 2005 in te trekken, omdat volgens het UWV geen arbeidsbeperkingen meer aanwezig zijn. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep heeft appellant medische attesten overgelegd van verschillende behandelaars, maar deze betroffen een situatie ongeveer twee jaar na de datum van het besluit en leidden niet tot een ander oordeel.

De Centrale Raad van Beroep heeft zich volledig kunnen verenigen met de uitspraak van de rechtbank en bevestigt dat appellant door ziekte of gebrek geen arbeidsbeperkingen ondervindt. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan na een zitting waarbij beide partijen zijn verschenen en hun standpunten hebben toegelicht.

Deze uitspraak bevestigt het belang van actuele medische gegevens die betrekking hebben op de situatie op het moment van het besluit en benadrukt de zorgvuldigheid bij het toetsen van arbeidsongeschiktheid binnen het sociale zekerheidsrecht.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens het ontbreken van arbeidsbeperkingen.

Uitspraak

07/6260 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 20 september 2007, 06/2897,
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 16 januari 2009
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. M.L.J. Schilt-Thissen, advocaat te Amsterdam, hoger beroep ingesteld en attesten ingezonden van de appellant behandelende urologen, huisarts, psychotherapeut en psychiater.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend en een reactie ingezonden van de bezwaarverzekeringsarts.
Het onderzoek ter zitting vond plaats op 5 december 2008. Appellant is in persoon verschenen, bijgestaan door mr. Schilt-Thissen. Namens het Uwv is verschenen mr. M.H.A.H. Smithuysen.
II. OVERWEGINGEN
1. Het beroep richt zich tegen het ter uitvoering van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) op 12 mei 2006 door het Uwv genomen besluit. Hierbij heeft het Uwv gehandhaafd zijn besluit van 21 juli 2005 tot de intrekking van de WAO-uitkering van appellant per 21 september 2005. Het Uwv heeft het advies gevolgd van zijn bezwaarverzekeringsarts dat appellant door ziekte of gebrek geen arbeidsbeperkingen ondervindt.
2. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.
3. De Raad gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde, door partijen niet bestreden feiten.
4. In hoger beroep heeft appellant herhaald dat zijn lichamelijke en psychische klachten hem verhinderen loonvormende arbeid te verrichten.
5. De Raad ziet het hoger beroep niet slagen. Hij kan zich volledig verenigen met de aangevallen uitspraak. De in hoger beroep overgelegde medische gegevens zien op de situatie ongeveer twee jaar na 21 september 2005 en voeren reeds daarom niet tot een ander oordeel.
6. Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan R.C. Stam. De beslissing is, in tegenwoordigheid van C. Dierdorp als griffier, uitgesproken in het openbaar op 16 januari 2009.
(get.) R.C. Stam.
(get.) C. Dierdorp.
KR