ECLI:NL:CRVB:2009:BH0538
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens geschiktheid voor licht werk ondanks CVS
Appellante, die lijdt aan het Chronisch Vermoeidheidssyndroom (CVS), kreeg haar WAO-uitkering ingetrokken omdat zij volgens het UWV geschikt werd geacht voor heel licht werk. De rechtbank had het beroep van appellante tegen deze intrekking gegrond verklaard, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigt nu dit oordeel slechts gedeeltelijk.
De verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsartsen stelden vast dat appellante beperkingen heeft, zoals snel vermoeid raken en niet te lang kunnen staan of lopen, maar dat zij toch belastbaar is voor heel licht werk. De Raad onderschrijft dit oordeel en ziet geen reden om aan de juistheid van de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) te twijfelen, ook niet na overlegging van een verklaring van een gynaecoloog gespecialiseerd in CVS.
De Raad oordeelt dat de functies waarop het UWV de belastbaarheid baseert, geen belastingen bevatten die de mogelijkheden van appellante overschrijden. De motivering van het UWV kwam pas in de beroepsfase, maar dit leidt niet tot een ander oordeel. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering blijft in stand.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellante geschikt is voor heel licht werk ondanks CVS.