ECLI:NL:CRVB:2009:BH1441

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
16 januari 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
05-2415 WAO
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a AwbArt. 8:75 AwbArt. 21 Beroepswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling UWV in proceskosten na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming bezwaren

Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. Het UWV nam op 21 oktober 2008 een nieuwe beslissing op bezwaar waarbij geheel aan de bezwaren van appellant werd tegemoetgekomen. Vervolgens trok appellant het hoger beroep in en verzocht de Raad om het UWV te veroordelen in de proceskosten.

De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming aan de bezwaren op verzoek kan worden veroordeeld in de proceskosten. De Raad stelde vast dat het UWV geheel aan de bezwaren tegemoet was gekomen en veroordeelde het UWV tot betaling van de proceskosten.

De proceskosten werden begroot op €644 voor het beroep en €322 voor het hoger beroep, plus €41,80 voor kosten van het inwinnen van schriftelijke informatie bij een reumatoloog. De totale kostenvergoeding bedroeg €1.007,80, te betalen aan de griffier van de Raad. Het onderzoek ter zitting bleef achterwege met instemming van partijen.

Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €1.007,80 aan proceskosten aan appellant.

Uitspraak

05/2415 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 22 maart 2005, 04/2862
(hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
(hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 16 januari 2009
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. B.F. Desloover, advocaat te Rotterdam hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Het Uwv heeft op 21 oktober 2008 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen.
Bij brief van 12 november 2008 heeft mr. Desloover, voornoemd, namens appellant het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht het Uwv te veroordelen in de proceskosten.
Het Uwv heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.
Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.
II. OVERWEGINGEN
Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 21 van Pro de Beroepswet is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.
De Raad stelt vast dat met de nieuwe beslissing op bezwaar van 21 oktober 2008 geheel aan de bezwaren van appellant is tegemoet gekomen.
De Raad ziet aanleiding om het Uwv te veroordelen in de kosten die appellant in verband met de behandeling van het beroep en het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. Deze proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 644,- in beroep en € 322,- in hoger beroep. Daarnaast komt nog voor vergoeding in aanmerking een bedrag van € 41,80 ter zake van de door appellant gemaakte kosten voor het inwinnen van schriftelijke informatie bij een reumatoloog.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Veroordeelt de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in de kosten van appellant tot een bedrag van € 1.007,80 te betalen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de griffier van de Raad.
Deze uitspraak is gedaan door G. van der Wiel. De beslissing is, in tegenwoordigheid van Y. Bouchikhi als griffier, uitgesproken in het openbaar op 16 januari 2009.
(get.) G. van der Wiel.
(get.) Y. Bouchikhi.
GdJ