ECLI:NL:CRVB:2009:BH2047
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging hoofdelijke aansprakelijkheid bestuurder voor onbetaalde premies werknemersverzekeringen
Appellant werd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor onbetaalde premies werknemersverzekeringen van twee vennootschappen onder firma waarvan hij bestuurder was. Deze besluiten werden door de rechtbank ongegrond verklaard in het bezwaar, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad overwoog dat de aansprakelijkstelling op grond van artikel 16c, eerste lid, aanhef en onder c van de Coördinatiewet Sociale Verzekering (CSV) terecht was, aangezien appellant niet betwistte dat de premieschulden waren ontstaan tijdens zijn bestuurderschap. Appellant richtte zijn grieven niet tegen de aansprakelijkstelling zelf, maar tegen de premienota’s die aan de vennootschappen waren opgelegd. De Raad oordeelde dat in de procedure over aansprakelijkstelling de inhoudelijke toetsing van de premienota’s niet mogelijk is.
Ook het verwijt dat het Uwv in strijd met het fair play-beginsel handelde door de premienota’s niet aan alle bestuurders te sturen, werd verworpen. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraken en wees een veroordeling in de proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de hoofdelijke aansprakelijkheid van appellant voor onbetaalde premies en wijst het hoger beroep af.