ECLI:NL:CRVB:2009:BH2154
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens niet-horen belanghebbende in bezwaarprocedure
Appellante, een openbaar accountant, voerde bezwaar aan tegen correctienota’s van het UWV over de jaren 2000-2003. Het UWV verklaarde het bezwaar deels gegrond, maar nam een besluit zonder appellante te horen, waarbij het zich beriep op artikel 7:3 Awb Pro om af te zien van een hoorzitting.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV ten onrechte van het horen heeft afgezien. De Raad benadrukt dat de uitzonderingen op de hoorplicht restrictief moeten worden toegepast en dat al de geringste twijfel over volledige tegemoetkoming aan het bezwaar een hoorzitting vereist.
Daarom vernietigt de Raad het besluit van 19 juni 2007 en beveelt het UWV een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de hoorplicht. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens niet-naleving van de hoorplicht en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.