ECLI:NL:CRVB:2009:BH2268
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.T. de Kwaasteniet
- A.C.A. Wit
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant kreeg bij besluit van 14 september 2005 te horen dat zijn WAO-uitkering per 15 november 2005 wordt ingetrokken omdat hij minder dan 15% arbeidsongeschikt wordt geacht. Het bezwaar tegen dit besluit werd ongegrond verklaard door het UWV. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit vanwege een motiveringsgebrek over de geschiktheid van de aan appellant voorgehouden functies, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
In hoger beroep betoogde appellant dat zijn medische beperkingen onjuist waren weergegeven en dat het UWV onvoldoende zorgvuldig onderzoek had verricht. De Raad oordeelde dat de medische gegevens voldoende waren en dat appellant geen tegenbewijs had geleverd. Ook het bezwaar dat de motivering van de arbeidskundige functies te laat en onvoldoende was gegeven, werd door de Raad verworpen omdat de rechtbank de juiste benadering had gevolgd.
De Raad concludeerde dat de beperkingen juist waren vastgesteld en dat de functies passend waren. Er was geen reden om het besluit te vernietigen. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, en er werden geen proceskosten opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd vanwege onvoldoende arbeidsongeschiktheid.