ECLI:NL:CRVB:2009:BH7251
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.M. van de Kerkhof
- H. Bolt
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens niet voldoen aan studeervoorwaarde
Appellante vroeg een Wajong-uitkering aan met als eerste dag van arbeidsongeschiktheid 15 april 2005. Het UWV wees de uitkering af omdat zij op en na 14 november 2005 minder dan 25% arbeidsongeschikt was. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante gegrond vanwege een onjuiste wettelijke grondslag, waarna het UWV het bezwaar opnieuw ongegrond verklaarde met als eerste dag van arbeidsongeschiktheid 9 november 2004.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellante niet voldoet aan de voorwaarde van artikel 5, tweede lid, Wajong, die vereist dat de jonggehandicapte in het jaar voorafgaand aan de arbeidsongeschiktheid ten minste zes maanden studerend moet zijn geweest. Appellante stelde dat haar arbeidsongeschiktheid pas op 15 april 2005 was ingetreden, maar kon dit niet medisch onderbouwen.
De Raad sluit zich aan bij de rechtbank en het UWV dat de eerste arbeidsongeschiktheidsdag 9 november 2004 is. Er is geen aanleiding een eigen deskundige in te schakelen en ook geen grond voor vergoeding van proceskosten. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering en stelt de eerste dag van arbeidsongeschiktheid vast op 9 november 2004.