ECLI:NL:CRVB:2009:BH7643
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens juiste vaststelling belastbaarheid
Appellante is na een val van haar paard arbeidsongeschikt geraakt met heupklachten en ontving een WAO-uitkering. Het UWV trok deze uitkering in per 19 juni 2006 omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% werd geacht. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze intrekking ongegrond, omdat de vastgestelde belastbaarheid gebaseerd was op een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van een verzekeringsarts en de medische gegevens geen aanleiding gaven tot twijfel.
In hoger beroep betwistte appellante de medische beoordeling en stelde zij dat zij de voorgestelde functies niet kon uitvoeren. De Raad oordeelde echter dat haar subjectieve klachten niet werden ondersteund door objectiveerbare medische gegevens en dat de medische en arbeidskundige rapporten voldoende waren meegewogen. De door appellante ingebrachte informatie was reeds verwerkt in de beoordeling.
De Raad concludeerde dat de voorgehouden functies binnen de vastgestelde belastbaarheid vielen, inclusief de noodzaak van voldoende afwisseling, en dat er geen grond was voor een urenbeperking. De intrekking van de WAO-uitkering werd daarom bevestigd. Er waren geen redenen voor nader medisch onderzoek of toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd wegens juiste vaststelling van de belastbaarheid.