ECLI:NL:CRVB:2009:BH9034
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante is in hoger beroep gegaan tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering met ingang van 4 maart 2007 in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.
De rechtbank Roermond oordeelde dat de medische grondslag van het besluit juist was en dat de functies waarop de schatting was gebaseerd passend waren. Wel vernietigde de rechtbank het besluit vanwege een gebrekkige motivering van de geschiktheid van de functies, maar liet de rechtsgevolgen in stand.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het beroep van appellante verworpen omdat de aangevoerde bezwaren een herhaling waren van eerder verworpen argumenten. De Raad vond de medische en arbeidskundige onderbouwing voldoende en zag geen reden tot een andere beslissing.
De Raad wees ook een verzoek om proceskostenveroordeling af en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.