ECLI:NL:CRVB:2009:BH9982
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- R. Kooper
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Buiten behandeling stelling aanvraag bijstand wegens niet tijdig overleggen financiële gegevens
Appellant vroeg op 1 november 2006 bijstand aan na detentie en verkeerde in staat van faillissement. Het College stelde de aanvraag buiten behandeling omdat appellant niet binnen de hersteltermijn de gevraagde bank- en girogegevens aanleverde.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bestreed appellant dit, maar de Raad oordeelde dat het College zich terecht op het standpunt kon stellen dat de gevraagde gegevens essentieel waren voor de beoordeling van de aanvraag.
De faillissementsstatus van appellant deed hieraan niet af, omdat het faillissement nog niet was afgewikkeld. De geboden hersteltermijn was redelijk gezien de aard van de gevraagde documenten. Appellant had de mogelijkheid om uitstel te vragen, maar deed dit niet.
De Raad wees het hoger beroep af en bevestigde het besluit van de voorzieningenrechter. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling of schadevergoeding.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig overleggen van financiële gegevens.