ECLI:NL:CRVB:2009:BI0917
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAJONG-uitkering ondanks medische beperkingen
Appellante, met een aangeboren hartgebrek en restklachten na operaties, had een WAJONG-uitkering toegekend gekregen in 2004. Na herbeoordelingen en medische rapporten trok het UWV de uitkering in 2006 wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid. De rechtbank vernietigde dit besluit maar liet de rechtsgevolgen in stand vanwege de gewijzigde Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) die rekening hield met haar beperkingen.
In hoger beroep voerde appellante aan dat haar concentratieproblemen en andere restklachten onvoldoende waren erkend. Medische rapporten van haar cardioloog en neuropsychologisch onderzoek werden overgelegd, maar het UWV en de Raad concludeerden dat de beperkingen in de FML adequaat waren en dat concentratieproblemen niet duidelijk verband hielden met ziekte of gebrek.
De Raad oordeelde dat het bestreden besluit medisch voldoende was onderbouwd en dat de beperkingen in de FML passend waren. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, en het hoger beroep van appellante werd ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De intrekking van de WAJONG-uitkering wordt bevestigd ondanks medische beperkingen.