ECLI:NL:CRVB:2009:BI1540
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- A.T. de Kwaasteniet
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering vernietigd wegens onvoldoende arbeidskundige grondslag
Appellante, die een WAO-uitkering ontvangt wegens klachten aan het bewegingsapparaat en psychische klachten, kreeg haar uitkering herzien door het Uwv naar een lagere mate van arbeidsongeschiktheid. Na bezwaar en beroep oordeelde de rechtbank de herziening rechtsgeldig. In hoger beroep stelt appellante dat zij niet beschikt over het vereiste basisonderwijs voor de functie productiemedewerker industrie, een van de functies waarop de schatting van haar arbeidsmogelijkheden is gebaseerd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was en de vastgestelde beperkingen juist en volledig zijn. Echter, de Raad stelt vast dat de functie productiemedewerker industrie een opleidingseis van voltooid basisonderwijs kent, terwijl appellante herhaaldelijk heeft gesteld deze opleiding niet te hebben afgerond. Deze beroepsgrond is niet afdoende weerlegd door de arbeidsdeskundigen, waardoor deze functie niet aan de schatting kan worden toegerekend.
Omdat hierdoor minder dan drie functies ten grondslag liggen aan de schatting, ontbreekt een voldoende arbeidskundige grondslag voor het bestreden besluit. De Raad vernietigt daarom de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit, herroept het eerdere besluit van 22 december 2005 en laat de WAO-uitkering ongewijzigd voortlopen. Tevens veroordeelt de Raad het Uwv in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot herziening van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het eerdere besluit herroepen, waardoor de oorspronkelijke uitkering ongewijzigd blijft.