ECLI:NL:CRVB:2009:BI1806
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering wegens niet nakomen inlichtingenplicht en niet verschijnen sociale dienst
Appellant had van juni 2004 tot januari 2005 bijstand ontvangen en diende op 6 september 2005 een nieuwe aanvraag in met een opgegeven woonadres. De sociale dienst probeerde huisbezoeken af te leggen en stuurde uitnodigingen voor gesprekken op 15 november en 1 december 2005, waarop appellant niet is verschenen. Het College wees de aanvraag af omdat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld door het niet nakomen van de medewerkingsplicht.
Appellant voerde aan dat hem geen verwijt kon worden gemaakt, mede vanwege problemen met postontvangst. De Raad oordeelde dat het College mocht aannemen dat de uitnodigingen tijdig waren ontvangen en dat appellant de mogelijkheid had om contact op te nemen met de sociale dienst toen hij de post zag worden bezorgd. Het niet verschijnen frustreerde het onderzoek naar zijn woonsituatie.
De Raad bevestigde het besluit van het College en de uitspraak van de rechtbank Amsterdam, en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd.