ECLI:NL:CRVB:2009:BI2840
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- H. Bedee
- P.J. Jansen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering op grond van medische en arbeidskundige rapportage
Appellant maakte bezwaar tegen de intrekking van zijn WAO-uitkering per 20 september 2005, omdat het UWV had vastgesteld dat zijn arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedroeg. Na een eerdere vernietiging van een besluit wegens verouderde medische gegevens, heeft het UWV een nieuw besluit genomen op basis van recente medische rapportages van behandelend specialisten en een bezwaarverzekeringsarts.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond, omdat het UWV de meest recente medische informatie had gebruikt en de bezwaren van appellant onvoldoende waren om het besluit te wijzigen. Appellant voerde in hoger beroep geen nieuwe argumenten aan die tot een ander oordeel konden leiden.
De Raad oordeelde dat het UWV terecht geen hoorplicht had toegepast en appellant niet had hoeven te laten reageren op de rapportage van de bezwaarverzekeringsarts. De medische en arbeidskundige grondslag was voldoende om de intrekking te rechtvaardigen. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag.