ECLI:NL:CRVB:2009:BI3629
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante kreeg haar WAO-uitkering ingetrokken op grond van een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%, waarna bezwaar werd gemaakt en de mate van arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld op 45 tot 55%.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen juist waren vastgesteld. De rechtbank vond dat appellante, ondanks haar beperkte formele opleiding, in staat was eenvoudige functies op opleidingsniveau 2 te vervullen.
In hoger beroep voerde appellante aan dat haar medische beperkingen werden onderschat en dat zij de geselecteerde functies niet kon vervullen. De Raad overwoog dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was en dat de beperkingen in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van september 2005 juist waren vastgesteld.
De Raad bevestigde dat appellante in staat was functies als productiemedewerker te vervullen, mede gelet op haar eerdere werkervaring en de beperkte eisen van die functies. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd vanwege een arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%, waarbij appellante in staat wordt geacht eenvoudige functies te vervullen.