ECLI:NL:CRVB:2009:BI3722
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering en terugvordering voorschotten na zorgvuldige medische toetsing
Appellant verzocht om een WAO-uitkering, welke door het Uwv werd geweigerd met terugwerkende kracht vanaf 26 oktober 2001, omdat hij minder dan 15% arbeidsongeschikt zou zijn. Na bezwaar en beroep werd het besluit van het Uwv herbeoordeeld, waarbij een bezwaarverzekeringsarts een aanvullend medisch rapport opstelde dat de eerdere medische beoordeling bevestigde.
De rechtbank Rotterdam oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de rapportages van het Instituut Psychosofia geen nieuwe objectieve gegevens bevatten die aanleiding gaven tot aanpassing van de beperkingen. Ook de functionele mogelijkheden van appellant werden correct ingeschat, en de terugvordering van onverschuldigde voorschotten werd gerechtvaardigd geacht.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Raad stelde vast dat eerdere klachten met betrekking tot de rechterlijke toetsing van medische stukken reeds waren verworpen en dat de medische grondslag van het besluit zorgvuldig tot stand was gekomen. Er waren geen nieuwe objectieve medische feiten of beperkingen die een andere beoordeling rechtvaardigden.
De Raad concludeerde dat de weigering van de WAO-uitkering en de terugvordering van voorschotten in rechte stand hielden. Er werden geen proceskosten aan appellant toegekend. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 1 mei 2009.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering en de terugvordering van voorschotten.