ECLI:NL:CRVB:2009:BI3730
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- P.J. Jansen
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep bevestigt afwijzing WIA-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid onder 35%
Betrokkene meldde zich in januari 2004 ziek vanwege rug- en liesklachten. In november 2005 vond een medisch onderzoek plaats in het kader van de Wet WIA, waarbij de verzekeringsarts beperkingen vaststelde en de belastbaarheid op basis van een Functionele Mogelijkheden Lijst werd vastgesteld. Een arbeidsdeskundige berekende het verlies aan verdiencapaciteit op 24,6%, waarna appellant besloot geen WIA-uitkering toe te kennen.
Betrokkene maakte bezwaar en voerde aan dat de ernst van zijn beperkingen werd miskend, onderbouwd met medische verklaringen van een orthopedisch chirurg. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en vernietigde het besluit, waarbij appellant werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat de medische grondslag van het bestreden besluit zorgvuldig en deugdelijk is. De bezwaarverzekeringsarts heeft voldoende rekening gehouden met de klachten en beperkingen. De Raad stelt vast dat de mate van arbeidsongeschiktheid terecht onder 35% is vastgesteld en dat het recht op een WIA-uitkering terecht is ontzegd. De vernietiging van de rechtbank wordt beperkt tot het intrekken van de opdracht tot hernieuwd besluit, terwijl de rechtsgevolgen van het oorspronkelijke besluit in stand blijven.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de arbeidsongeschiktheid terecht onder 35% is vastgesteld en wijst het beroep van betrokkene af.