ECLI:NL:CRVB:2009:BI3765
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering en weigering ziekengeld ondanks fysieke en psychische beperkingen
Appellante, die sinds 1995 arbeidsongeschikt was vanwege rugklachten en later ook psychische klachten ontwikkelde, kreeg in 2006 haar WAO-uitkering ingetrokken omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 15% werd geacht. Vervolgens werd zij ziekgemeld met kaakklachten, maar het UWV weigerde ziekengeld omdat zij geschikt werd geacht voor bepaalde functies.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de intrekking van de WAO-uitkering gegrond, maar handhaafde de weigering van ziekengeld. De rechtbank vond geen aanwijzingen dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en oordeelde dat de arbeidskundige onderbouwing voldoende was. Appellante bracht geen aanvullende medische gegevens in.
De Centrale Raad van Beroep stelt zich achter deze overwegingen en bevestigt de uitspraak. De stelling dat de ernst van haar beperkingen is miskend, wordt niet ondersteund door nieuwe medische gegevens. De Raad ziet geen reden om het besluit te vernietigen of aan te passen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering en de weigering van ziekengeld.