ECLI:NL:CRVB:2009:BI4400
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens overschrijding bezwaartermijn
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van het UWV van 19 oktober 2007 waarin premies over 2002 werden gecorrigeerd. Het bezwaar werd door het UWV bij besluit van 12 maart 2008 niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke bezwaartermijn van zes weken.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat het besluit pas op 30 oktober 2007 was ontvangen en dat het bezwaarschrift van 1 november 2007 daardoor tijdig was ingediend. De Raad overwoog dat de bezwaartermijn begint te lopen vanaf de dag na verzending van het besluit, niet vanaf de ontvangst.
Omdat het bezwaarschrift niet aangetekend was verzonden en het UWV de ontvangst betwistte, lag het op appellant om aannemelijk te maken dat het bezwaar tijdig was ingediend. Het overgelegde postboek en verklaringen waren onvoldoende bewijs. De Raad bevestigde daarom de niet-ontvankelijkverklaring en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het UWV-besluit is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.