ECLI:NL:CRVB:2009:BI4843
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- C.P.M. van de Kerkhof
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting beperkingen
Appellante was sinds 1998 arbeidsongeschikt verklaard met een uitkering op grond van de WAO, laatstelijk berekend op 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid. Het UWV herzag deze uitkering in 2006 naar 15 tot 25% arbeidsongeschiktheid, wat appellante betwistte. Zij stelde dat haar beperkingen werden onderschat en verwees naar een medisch indicatierapport van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ).
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen het herzieningsbesluit ongegrond. In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunt, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de mate van arbeidsongeschiktheid op basis van de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van de bezwaarverzekeringsarts voldoende inzichtelijk was vastgesteld. Het CIZ-rapport bood geen nieuwe objectieve medische gegevens die de eerdere beoordeling konden weerleggen.
Ook het arbeidsdeskundig onderzoek werd door de Raad gevolgd, waarbij de geduide functies passend werden geacht binnen de belastbaarheid van appellante. De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en zag geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en verklaart het beroep van appellante ongegrond.