ECLI:NL:CRVB:2009:BI4865
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- T. Hoogenboom
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en inkomenseis WIA-uitkering na bezwaar en hoger beroep
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV dat zijn arbeidsongeschiktheid was vastgesteld tussen 35% en 80%, waarna de rechtbank het besluit vernietigde wegens onvoldoende arbeidskundige onderbouwing. Het UWV nam vervolgens een nieuw besluit waarin appellant werd aangemerkt als 80% of meer arbeidsongeschikt, maar niet duurzaam arbeidsongeschikt.
In hoger beroep betoogde appellant dat de resterende verdiencapaciteit en inkomenseis zelfstandige besluitonderdelen zijn en dat de medische beoordeling onjuist was, mede vanwege zijn luchtweginfecties en vermoeidheid. De Raad oordeelde echter dat de vaststelling van de inkomenseis en resterende verdiencapaciteit niet meer van toepassing waren gezien de mate van arbeidsongeschiktheid en dat de medische beoordeling van de bezwaarverzekeringsarts voldoende was onderbouwd.
Verder werd het beroep verworpen omdat het UWV terecht had afgezien van een nieuwe hoorzitting, aangezien er geen nieuwe feiten waren die tot een ander oordeel konden leiden. De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en wees het beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestreden besluit wordt ongegrond verklaard en het besluit tot vaststelling van 80% of meer arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.