ECLI:NL:CRVB:2009:BI5258
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verhoging WAO-uitkering en oordeel over herzieningsbesluit
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering niet te verhogen, waarbij de uitkering was vastgesteld op een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15 tot 25%. De rechtbank had het beroep tegen dit besluit gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens strijd met de Awb, maar de rechtsgevolgen in stand gelaten.
In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat hij vanwege zijn gezondheid niet in staat is tot de verrichte arbeid en dat ten onrechte geen urenbeperking is toegepast. Het UWV heeft een nieuw besluit genomen waarbij het arbeidsongeschiktheidspercentage werd verhoogd naar 25 tot 35%. De Raad heeft dit nieuwe besluit onderzocht en geoordeeld dat de medische gronden van het beroep onvoldoende onderbouwd waren om tot een ander oordeel te komen.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep tegen het eerste besluit gegrond en vernietigt dat besluit. Tegelijkertijd verklaart de Raad het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. Daarnaast veroordeelt de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellant in hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen het eerste besluit wordt gegrond verklaard en dat besluit vernietigd; het beroep tegen het tweede besluit wordt ongegrond verklaard.