ECLI:NL:CRVB:2009:BI6017
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- R. Kooper
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld op grond van ziekte bij aanvang verzekering
Appellante trad op 19 juli 2006 in dienst en meldde zich direct ziek vanwege psychische klachten. Het UWV kende aanvankelijk ziekengeld toe, maar weigerde dit vanaf 4 oktober 2006 op grond dat de ongeschiktheid tot werken bij aanvang van de verzekering bestond. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat de medische gegevens, waaronder het voorschrijven van antidepressiva, dit bevestigen.
In hoger beroep stelt appellante dat zij het oordeel van de rechtbank en het UWV deelt en dat het hoger beroep slechts is ingesteld om haar rechtspositie in een andere procedure veilig te stellen. De Raad concludeert dat appellante geen inhoudelijk verschil van mening met het UWV heeft over het bestaan van haar ziekte bij aanvang van de verzekering en dat geen gronden zijn aangevoerd die vernietiging van de uitspraak rechtvaardigen.
Daarom wordt het hoger beroep verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd omdat de ziekte bij aanvang van de verzekering reeds bestond.