ECLI:NL:CRVB:2009:BI7146
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en beoordeling arbeidsongeschiktheid met behoud van rechtsgevolgen
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het Uwv waarin zijn WAO-uitkering werd herzien van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35-45% naar 25-35%. De rechtbank Breda vernietigde het arbeidskundige deel van het besluit en bepaalde dat het Uwv een nieuw besluit moest nemen, maar handhaafde het medische deel.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep geoordeeld dat de rechtbank ten onrechte het arbeidskundige deel gedeeltelijk vernietigde. De Raad stelt vast dat de signaleringen en verborgen beperkingen voldoende zijn toegelicht in de rapporten van de bezwaararbeidsdeskundige en bezwaarverzekeringsarts. De functies waarop de schatting is gebaseerd zijn geschikt voor appellant, en een urenbeperking is niet medisch onderbouwd.
De Raad vernietigt het bestreden besluit geheel, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Tevens veroordeelt de Raad het Uwv tot vergoeding van de proceskosten van appellant en het griffierecht. Hiermee wordt het beroep van appellant deels afgewezen, doch blijft de uitkering en de rechtsgevolgen gehandhaafd.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geheel vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand en het Uwv wordt veroordeeld in de proceskosten.