ECLI:NL:CRVB:2009:BI7707
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant, die uitviel wegens rugklachten, verzocht om een WIA-uitkering. Het UWV stelde na medisch en arbeidskundig onderzoek vast dat appellant niet meer dan 35% arbeidsongeschikt was en wees de uitkering af. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de functies passend waren.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het UWV geen rekening had gehouden met zijn klachten aan het rechteroor, oogklachten, allergie, jicht en psychische klachten, waardoor hij de geselecteerde functies niet kon vervullen. Ook stelde hij dat zijn opleidingsniveau te hoog was ingeschat.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat er geen aanleiding was het oordeel van de rechtbank te wijzigen. Het medisch onderzoek was zorgvuldig en er waren geen gegevens die wezen op een grotere beperking. De Raad vond de toelichting op de passendheid van de functies voldoende en zag geen onjuistheid in de vaststelling van het opleidingsniveau. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd; appellant heeft geen recht op een WIA-uitkering.