ECLI:NL:CRVB:2009:BJ0686
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting beperkingen appellant
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering te herzien van een arbeidsongeschiktheid van 80-100% naar 15-25%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige beoordeling van het UWV.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn klachten zoals longklachten, allergie, hoofdpijn, slapeloosheid en concentratieverlies, en stelde dat zijn beperkingen onvoldoende waren erkend. De Raad verwijst naar de eerdere overwegingen en concludeert dat er geen aanwijzingen zijn dat het UWV de beperkingen heeft onderschat.
Appellant heeft geen nieuwe informatie aangeleverd die twijfel zou rechtvaardigen aan de bevindingen van de verzekeringsartsen. De Raad acht appellant met zijn beperkingen in staat de aan hem toegewezen functies te vervullen. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de herziening van de WAO-uitkering bevestigd.