ECLI:NL:CRVB:2009:BJ1297
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- C.P.M. van de Kerkhof
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongewijzigde vaststelling arbeidsongeschiktheid na herbeoordeling WAO
Betrokkene heeft bezwaar gemaakt tegen besluiten van het UWV waarin zijn arbeidsongeschiktheid volgens de WAO ongewijzigd werd vastgesteld op 15 tot 25%.
De rechtbank Amsterdam vernietigde het besluit van het UWV omdat het op een onjuiste medische grondslag was gebaseerd, en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen. De rechtbank baseerde zich daarbij op een rapportage van een door haar ingeschakelde deskundige, psychiater R. Tonneijck.
Het UWV stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de door het UWV ingediende aanvullende rapportage te laat was ingediend en daarom niet werd betrokken bij de beoordeling. De Raad sloot zich aan bij het oordeel van de rechtbank dat de medische grondslag onvoldoende was en bevestigde de vernietiging van het besluit.
Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot betaling van de proceskosten van betrokkene in hoger beroep. De zaak werd samen behandeld met een soortgelijke zaak waarin dezelfde medische rapportage centraal stond en waarin de rechtbank eveneens het oordeel van de deskundige volgde.
De Raad concludeerde dat er geen nieuwe medische ontwikkelingen waren die aanleiding gaven om af te wijken van het eerdere oordeel en wees het hoger beroep van het UWV af.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt afgewezen en het besluit tot vaststelling van arbeidsongeschiktheid blijft ongewijzigd.