ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3076
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- C.P.M. van de Kerkhof
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering zonder urenbeperking na medische en arbeidskundige beoordeling
Appellante, die sinds 2002 een WAO-uitkering ontvangt wegens rugklachten, werd in het kader van een herbeoordeling onderzocht. De verzekeringsarts stelde beperkingen vast, maar achtte een urenbeperking niet noodzakelijk. Op basis van een arbeidsdeskundig rapport werd de uitkering ingetrokken en later herzien naar een lagere arbeidsongeschiktheidsklasse.
Appellante voerde bezwaar aan tegen het besluit, met name over de onderwaardering van haar beperkingen en de reëelheid van de schatting van arbeidsplaatsen waarop de beoordeling was gebaseerd. Zij stelde dat het gewijzigde artikel 9, onder a, van het Schattingsbesluit in strijd was met artikel 18 van Pro de WAO.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige grondslag. De Raad bevestigt deze uitspraak en overweegt dat er geen aanwijzingen zijn dat de medische beoordeling onjuist is of dat een urenbeperking noodzakelijk is. Ook acht de Raad de schatting op basis van het gewijzigde artikel 9 re Proëel en niet strijdig met de WAO.
De Raad concludeert dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigt de eerdere uitspraak zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd zonder urenbeperking.